Het Martenshuis, Utrecht (1663)

Historische stadstuin met allure

Het Martenshuis en zijn omgeving kennen een lange geschiedenis. Het perceel was oorspronkelijk onderdeel van een middeleeuws claustraal erf aan het Janskerkhof dat na de Reformatie van 1570 in de 17e eeuw werd ingezet voor een stedenbouwkundige vernieuwing van de stad Utrecht. In 1659 werd het perceel gesplitst voor de bouw van twee identieke vierkante stadshuizen. In 1663 gaven de Utrechtse metselaars/aannemers Van Vianen en Van Cooten volgens de classicistische architectuuridealen hun regionale interpretatie aan dit bouwwerk.

Tijdens haar bewoningsgeschiedenis heeft de familie Martens verscheidene malen het perceel vergroot. In 1828 werd het buurperceel aangekocht zodat architect Van Emden in 1832 een nieuwe ingangspartij aan de westzijde kon realiseren. Tevens werd in dat jaar de vergrote tuin in landschapsstijl omgevormd door tuinarchitect Cristiaan George Breitenstein. 

De aangetroffen tuinsituatie lijkt overigens verbazingwekkend veel op een prent die staat afgebeeld in het tuintraktaat L’Art de Jardins, Traité Général de la composition, Parcs et Jardins (1879) van de Fransman Éduard André.

In het herstelplan wordt dit ontwerp in landschapsstijl weer herkenbaar gemaakt. Het ovale grasperk wordt duidelijk omkaderd met een grindpad en de herontdekte plantenlijsten uit 1832 worden ingezet om het historische plantensortiment terug te brengen. De later toegevoegde tuinmuren worden verwijderd zodat de oorspronkelijk 17e eeuwse 'verharde plaets' wordt hersteld.

(grootte 1.658 m², tuinhistorisch onderzoek en herstelplan 2010, aanleg zijtuin 2011-2012, opdrachtgever Vereniging Hendrick de Keyser)

Linkedin Share Facebook Share Twitter Share Google Plus Share Pin it

Tuinarchitect Cristiaan George Breitenstein (1788-1867)

Tuinarchitect C.G. Breitenstein uit Zeist had naam gemaakt met ontwerpen voor de Hortus Botanicus in Utrecht (1821), de buitenplaatsen Broekbergen en Dennenburg in Driebergen (1815-1820) en de buitenplaats Den Treek in Leusden (1815).

Aanleg en onderhoud

Door het verwijderen van de scheidingsmuur met fietsenberging komt de entreegevel uit 1832 van architect Van Emden weer prachtig tot haar recht. De voormalige tuinmuur uit 1902 is herbouwd op de oorspronkelijke plek waarmee de 'verharde plaets' weer hersteld is. De contouren van het tuinontwerp zijn door het snoeien van de heesters weer herkenbaar gemaakt. De tweehonderd jaar oude paardenkastanje is in 2012 vanwege de kastanjebloedingsziekte en zwamaantasting helaas geveld. Middels noodkap hebben onze erfgoedhoveniers de boom veilig weten te verwijderen.