Pastorie, Gendringen (1870-1900)

Herstel historisch beplantingsbeeld

De restanten van een historische tuinaanleg waren nog duidelijk herkenbaar bij het eerste bezoek aan deze monumentale neoclassicistische pastorie (ca. 1870-1900) met koetshuis (1830). Een rondlopend pad met ovaal gazon in de voortuin vormde de aanleiding om nader onderzoek te doen naar het oorspronkelijk ontwerp. Op basis van een zorgvuldige terreininmeting en tuinarcheologisch onderzoek is de oude structuur gereconstrueerd. Deze gegevens hebben samen met een ontwerpstudie van vergelijkbare tuinontwerpen, oude ansichtkaarten en archieffoto’s tot het nieuwe tuinontwerp geleid.

De tuin heeft niet langer haar oorspronkelijke grootte van drie en een kwart hectare, waardoor een totale ontwerpreconstructie niet mogelijk was. Ten behoeve van de aanleg van twee wegen en de bouw van een schooltje is de kavel versmald tot een halve hectare. De omliggende beplanting was tevens veel te ver uitgegroeid en diende nodig terug gebracht te worden tot een hanteerbare tuinafscheiding.

De tuin is in landschapsstijl ontworpen, waarbij zowel in de achter- als in de voortuin rondlopende slingerpaden zijn aangebracht die grotendeels de teruggevonden contouren volgen. Om ruimte voor een moestuin aan het einde van de achtertuin te creëren, zijn een deel van de achterliggende bosschages gerooid en vervangen door een beukenhaag zodat de tuin ruimtelijk vergroot werd. De rondlopende padenstructuur omvat op een harmonieuze wijze de nieuwe moestuin.

(grootte 5.105 m², ontwerp 2014, particuliere opdrachtgever) 

Linkedin Share Facebook Share Twitter Share Google Plus Share Pin it

Beplantingsplan

De beplanting is afgestemd op het tijdsbeeld van aanleg rond begin twintigste eeuw en bevat soorten die in die periode gangbaar waren. Met behulp van historische plantenlijsten uit kwekerscatalogi is een beplantingsplan opgesteld dat recht doet aan het authentieke karakter van deze bijzondere locatie. Hiervoor zijn soorten als bruidsbloem, bonte kardinaalsmuts en spierstruik weer toegepast. Daarnaast wordt de stinzenflora en de karakteristieke opgehoogde 'flowerbeddings' met kleurrijke eenjarigen weer toegepast. Het geheel is wel naar de huidige kennis van correcte plantafstanden en spreiding van bloeitijden aangepast.